14-03-17

Schrijfles op Wolfert van Borselen

Nieuwe stadsverhalen van Rotterdamse scholieren

Anne Elings van het Wolfert van Borselen Tweetalig schreef dit verhaal onder leiding van Said El Haji bij de foto van Mathijs Labadie. Mathijs Labadie maakte deze foto voor De Kracht van Rotterdam 2012. Het Wolfert van Borselen Tweetalig is een van de scholen die mee heeft gedaan aan het schrijfproject Verhalen bij beelden uit de stad. Het verhaal van Anne werd voorgelezen door Said op de Dag van de Literatuur.

Het Zwembad

Het was een mooie zomerdag geweest. Wij hebben de hele dag bij het zwembad gezeten, Lola en ik.

Maar ze snapt het gewoon niet.

Lola snapt niet dat ik ook problemen heb. Wij zijn al zo lang vriendinnen en toch gaat het altijd over haar. Ik snap heus wel dat haar problemen belangrijk zijn. Maar die van mij zijn dat ook. Zij vraagt nooit naar mijn problemen. Dat is het vervelendst.

Nu zit ik al een tijdje hier. Bij het zwembad.

Het is pikkedonker en muisstil.

We zijn bij het zwembad gebleven tot laat in de avond. Pratend over haar problemen. Altijd háár problemen. Net voor sluitingstijd moest ze weg. Naar huis. Ze zei dat ze naar haar oma’s verjaardag ging. Ik weet dat het niet zo is.

Na sluitingstijd heeft niemand mij weggestuurd. Ik lig hier nu in het gras, kijkend naar de lucht. Het is stevig aan het afkoelen. Toch is het nog steeds warm. Het is de hele zomer al warm. Dit soort warme zomers hebben we hier meestal niet.

Over een week begint de zomervakantie. Dan gaan wij weg. We verhuizen naar Italië. Ik ben daar nog nooit geweest. Ik heb het Lola nog niet verteld. Ik heb het nog aan niemand verteld. Ik durf het niet. Ik durf het niet te vertellen. Ik ben altijd bang geweest voor veranderingen. Toen mijn ouders mij vertelden dat we gingen verhuizen, vond ik dat dus ook echt niet leuk. Maar de reden waarom wij verhuizen, daar ben ik nog banger voor.

Ik heb nog nooit het gevoel gehad dat iemand mij begrijpt. Iedereen denkt altijd dat ik een geweldig leven heb. Maar dat heb ik niet. Iedereen denkt dat ik altijd gelukkig ben. Maar dat ben ik niet. Iedereen denkt dat ik geen problemen heb. Maar die heb ik wel.

Met een vriendin moet je goed kunnen lachen. Maar een vriendin hoort ook te vragen: “Hoe was je weekend?” of “Hoe voel je je?”. Ik beschouwde mijzelf daarom altijd als een goede vriendin. Ik en Lola lachen altijd samen. Ik weet alles over haar, haar problemen en hoe zij over dingen denkt. Maar ik heb ook zo’n vriendin nodig. Lola vraagt zulke dingen nooit.

Opeens hoor ik iets. Ik hoor iemand. Het hekje van het zwembad gaat open. Er komt iemand naar binnen. Hij draagt zijn zwemkleding. Ook draagt hij een zwemband en snorkelspullen. Hij kijkt mij recht aan. Seconden gaan voorbij, minuten. Dan springt hij het water in.

Er is toch iemand. Iemand die met één keer kijken mij begrijpt.